313 Matching Annotations
  1. Mar 2026
    1. 1. Uti possidetis juris (UPJ):

      betekent dat nieuwe staten behouden de bestaande administratieve grenzen die al bestonden voor hun onafhankelijkheid

      wanneer een gebied onafhankelijk wordt dan - worden de oude grenzen automatisch de nieuwe staatsgrenzen - ook al zijn die grenzen soms willekeurig of onnauwkeurig getrokken

    2. succession3

      de rechten en verplichtingen van een staat gaan over naar een andere staat wanneer een staat verandert

      • het gaat dus om juridische continuiteit of overdracht van staten onder internationale wetgeving
    3. remedial secession

      concept waarbij een volk het recht heeft om zich af te scheiden van een staat als alle andere remedies zijn uitgeput

      • het is een uitzondering op het principe van territoriale integriteit van staten

      Remedial secession: een volk mag zich afsplitsen als het ernstig wordt onderdrukt of geen andere mogelijkheden heeft voor zelfbeschikking binnen de staat.

      het idee is dat dit een laatste redmiddel is

    4. External self-determination

      betekent dat een volk het recht heeft om zijn eigen staat te vormen of zijn internationale politieke status te veranderen

      kan betekenen dat een volk: - een onafhankelijke staat vormt - zich afscheidt van een bestaande staat

      vorming van een nieuwe staat of afscheiding kan leiden tot onafhankelijkjeid

    5. exceptional

      wordt niet automatisch toegestaan in het internationaal recht

      het kan botsen met het principe van territorial integrity --> dat zegt dat grenzen van bestaande staten gerespecteerd moeten worden

    6. Internal self-determination

      betekent dat een volk het recht heeft om binnen een bestaande staat politieke inspraak en zelfbestuur te hebben zonder dat het een onafhankelijke staat wordt

      de staat blijft dus bestaan maar de bevolking krijgt meer inspraak en zelfbestuur

    7. self-determination

      zelfbeschikking --> betekent dat een volk het recht heeft om zelf te bepalen hoe het politiek georganiseerd wil zijn en wie het wil regeren

    8. • International law of cooperation:

      verwijst naar het deel dat regels creeert voor samenwerking tussen staten om gemeenschappelijke problemen op te lossen - gaat hier om avtieve samenwerking

      betekent dat staten - samen internationale organisaties oprichten - vedragen sluiten om gezamelijke problemen te regelen

      bijv VN, WTO en EU

    9. • International law of coexistence (general international law):

      verwijst naar het deel van het internationale recht dat basisregels vastlegt zodat staten vreedzaam naast elkaar kunnen bestaan

      • gaat om de fundamentele regels die het gedrag van staten tegenover elkaar regelen, zonder dat er diepe samenwerking nodig is
    10. sovereignty

      dat een staat de hoogste macht en het hoogste gezag heeft over zijn eigen grondgebied

      • zelf wetten kan maken
      • zelf beslissiingen neemt
    11. state-centric system

      staatsgericht systeen <br /> - describes a legal order where states are the main actors and sources of authority

      means that - states are the primary subjects of law - states create the rules

    1. Customary international law

      internationaal gewoonterecht --> is ongeschreven recht dat ontstaat door het gedrag van staten dat zij als juridisch verplicht beschouwen

      bestaat uit regels die - voortkomen uit algemene en consistente praktijk van staten en - worden gevolgd uit een gevoel van rechtsverplichting (opinio juris)

    2. International law does not have a centralized legal system

      betekent dat het internationaal recht geen centrale wetgever, rechter of handhaver heeft zoals een staat dat wel heeft

      • staten maken samen regels
      • staten beslissen zelf of ze naar de rechter gaan
      • naleving gebeurt zonder centrale autoriteit
    1. Transformatieve

      ligt de nadruk op relatie tussen de partijen niet alleen op de oplossing - partijen leren elkaar beter begrijpen - de mediator stimuleert erkenning en respect

      doel: empowerment --> partijen sterker maken zodat ze zelf het conflict kunnen oplossen

    2. Evaluatieve benadering

      speelt de mediator een actieve en beoordelende rol - mediator geeft soms een mening over de zaak - bespreekt de sterke en zwakke punten van de standpunten

      doel: partijen helpen tot een realistische oplossing of schikking te komen komt vaak voor bij juridische of zakelijke conflicten

    3. Institutioneel bindend advies

      is een vorm van geschilbeslechting waarbij een onafhankelijke instantie een beslissing neemt over een conflict en die beslissing verplicht is voor beide partijen

    4. uitengerechtelijke geschilprocedures

      verwijst naar manieren om conflicten op te lossen zonder tussenkomt van een rechtbank. het zijn dus procedures buiten de rechter om

  2. Jan 2026
    1. Overig internationaal recht

      recht dat is afgeleid van verdragen, dit zijn dus de regels die instelling en organen van de europese unie zelf creëren → verordeningen,richtlijnen, besluiten,aanbevelingen en besluiten

    1. Functioneel parket

      is een speciaal onderdeel van het OM dat zich richt op specifieke soorten delicten of bijzondere opsporingstaken

      • behandelt misdrijven die speciale aandacht of expertise vereisen
    2. Landelijk parket

      onderdeel van het OM dat zich bezig houdt met grote, complexe of landelijke strfzaken die meerdere regios of het hele land raken

      het landelijk parket behandelt zaken die te groot of ingewikkeld zijn voor een enkel arrondissement

    3. Arrondissementsparketten

      het OM bestaat uit verschillenden parketten: landen en regionaal - is verantwoordelijk voor strafzaken binnen een bepaald arrondissement

    1. Systematische interpretatie

      een wet uitleggen door die te bekijken binnen het geheel van het rechtssysteem

      de rechter kijkt naar - de plaats van het artikel in de wet

    2. Verbod van terugwerkende kracht

      je mag niet worden gestraft voor iets dat op het moment van handelen nog niet strafbaar was

      • een wet mag niet achteraf strafbaar stellen
      • je wordt beoordeeld volgens de wet die gold op het moment van de daad
    3. Lex certa

      strafwetten moeten duidelijk en precies geformuleerd zijn zodat burgers weten welk gedrag strafbaar is - de wet mag niet vaag of onduidelijk zijn - burgers moeten vooraf kunnen weten wat wel en niet mag

    4. strafbepalingenAnalogieverbodStrafvorderlijk

      strafrechtelijke regels mogen niet worden uitgebreid naar gevallen die niet letterlijk in de wet staan

      • de rechter mag een strafbepaling niet "oprekken"
      • iemand mag alleen worden gestraft voor gedrag dat duidelijk strafbaae gesteld is in de wet
    5. Opportuniteitsbeginsel

      het OM mag zelf beslissen of het een strafbaar feit vervolgt of niet, ook als er genoeg bewijs is

      • het OM hoeft niet altijd te vervolgen
      • het mag kijken naar het algemeen belang --> soms is vervolging niet zinvol of niet wenselijk
    1. Contra-indicaties

      omstandigheden of factoren die juist tegen pleiten - het zijn dus redenen waarom iets niet verstandig is, niet toegestaan of niet geschikt

    1. (beroep in tweede aanleg)

      hoger beroep tegen een uitspraak die is gedaan in eerste aanleg

      • een rechter heeft al een uitspraak gedaan in eerste aanleg
      • een van de partijen is het daar niet mee eens
      • die partij gaat naar een hogere rechter
      • die behandelt de zaak opnieuw --> tweede aanleg
    2. Voorlopige voorziening

      tijdelijke beslissing van de rechter om een situatie voorlopig te regelen, zolang een juridische procedure nog loopt

      • als er spoed is
      • en wachten op de definitieve uitspraak teveel schade zou opleveren
    3. bestuursprocesrecht

      deel van het recht dat gaat over procedures tussen burgers en de overheid - het regelt hoe je een overheidsbesluit kunt aanvechten en hoe de rechter dat behandelt

    4. ex tunc;

      kijkt de rechter naar een besluit of situatie zoals die was op het moment dat het besluit werd genomen, niet naar wat er later is gebeurd

      bijv: een vergunning wordt afgegeven in 2022, in 2024 komt er nieuwe informatie --> de rechter beroordeelt het besluit ex tunc: alleen op basis van wat men in 2022 wist of had moeten weten

      tunc= toen nunc= nu

    1. voorlopig of pro forma-bezwaarschrift.

      een korte, formele rechtbankzitting waarbij de rechter nog geen inhoudelijke uitspraak doet over de zaak

    1. res interpretata-werking
      • houdt in dat de uitleg die een rechter geeft aan een verdragsbepaling richtinggevend is voor andere zaken, ook al zijn de zaken niet formeel bindend
    1. absolute competentie

      bepaalt welke type rechter bevoegd is om een zaak te behandelen, gelet op de aard en zwaarte van de zaak - gaat om de soort rechter

    2. Noodweerexces

      is sprake wanneer iemand de grenzen van noodzakelijke verdediging overschrijdt, doordar hij als gevolg van een hevige gemoedsbeweging veroorzaakt door een wederrechtelijke aanranding verder gaat dan gerechtvaardigd

      • de daad is wederrechtelijk, maar de dader is niet verwijtbaar
    1. lex Aquilia

      was een romeinse wet die - bescherming bood tegen onrechtmatige beschadiging of vernietiging van zaken - de basis vormt van de moderne onrechtmatige daad

    2. bestanddeelvorming door verbinding

      dat een zaak bestanddeel wordt van een andere zaak doordat zij zodanog fysiek is verbonden dat afscheiding niet mogelijk is zonder beschadiging van betekenis

    3. Dépex/Curatoren van Bergel-arrest

      iets is naar verkeersopvattingen een bestanddeel als het gebouw zonder dat onderdeel niet als compleet wordt gezien, en het onderdeel functioneel en specifiek met het gebouw is verbonden

    4. § Levering met de lange hand (traditio longa manu):

      overdracht van bezit zonder fysieke afgifte omdat de zaak zichbij een derde bevindt, die de zaak voortaan voor de verkrijger houdt

    5. Levering met de korte hand (traditio brevi manu)

      vorm van levering zonder fysieke overdracht waarbij de verkrijger de zaak al onder zich had als houder en deze voortaan voor zichzelf houdt

    6. Levering constitutum possessorium

      de eigendom wordt overgedragen zonder feitelijke afgifte omdat de vervreemder de zaak blijft houden maar niet meer als eigenaar

    7. • Corporele bezitsverschaffing (art. 3:114 BW):

      het verschaffen van bezit door een feitelijke, lichamelijke overdracht van een zaak

      • de zaak gaat fysiek van hand tot hand
    8. afgescheiden vruchten,

      opbrengsten of producten van een zaak die al los zijn geraakt van die zaak en daardoor zelfstandige zaken zijn geworden

      bijv - melk van een koe - huur, pacht en rente

    9. Derivatieve verkrijging

      het recht wordt overgedragen van een vorige rechthebbende. de verkrijger krijgt het recht afgeleid van de vorige eigenaar

  3. Dec 2025
    1. ruilkarakter

      elke partij iets geeft om iets terug te krijgen --> de prestatie van de ene partij is de tegenprestatie voor die van de andere

      • er is sprake van een ruil
    2. Onzekerheidsexceptie

      het recht van een partij om haar eigen verplichtingen tijdelijk op te schorten als een gegronde reden is om te vrezen dat de andere partij haar verplichting niet zal nakomen

    3. Derogerende werking

      een regel is er wel, maar wordt buiten toepassing gelaten - omdat toepassing naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar zou zijn

    4. Aanvullende werking

      de wet of het contract laat een gat en dat gat wordt gevuld door wat redelijk en billijk is - de overeenkomst wordt aangevuld

    1. Vernietigbaarheid

      rechtshandeling die geldig is, maar ongeldig kan worden gemaakt door degene die door een gebrek is beschermd - met terugwerkende kracht ongeldig worden verklaard

  4. Oct 2025
    1. Materiële beginselen:
      • gaan over de inhoud van het besluit zelf, dus wat er besloten wordt
      • ze zorgen ervoor dat het besluit rechtvaardig, proportioneeel en in overeenstemming met de wet is
    2. Formele beginselen
      • gaan over de manier waarop een besluit tot stand komt
      • ze zorgen ervoor dat de overheid zorgvuldig, eerlijk en transparant handelt bij het nemen van besluiten
    3. vertrouwensbeginse
      • als een burger redelijkerwijs mag vertrouwen op een uitspraak, toezegging of gedraging van de overheid, dan moet de overheid dat vertrouwen in principe nakomen
      • overheid moet betrouwbaar en voorspelbaar zijn in wat ze zegt en doet
    4. gelijkheidsbeginsel
      • overheid moet gelijke gevallen gelijk behandelen, en ongelijke gevallen ongelijk
      • burgers die in dezelfde situatie verkeren moeten hetzelfde behandeld worden door de overheid
    5. draagkrachtige motiverin
      • goed onderbouwd en overtuigend

      houdt in dat - de argumenten inhoudelijk sterk genoeg zijn - ze logisch voortvloeien uit de feiten - en ze de beslissing echt kunnen dragen

    6. kenbare motivering
      • duidelijk zichtbaar en begrijpelijk voor de burger

      houdt in dat: - de overheid de reden van haar besluit opschrijft in het besluit zelf - de burger dus kan zien op basis van welke argumenten en regels het besluit is genomen

    7. Motiveringsplich
      • overheid moet haar besluiten goed onderbouwen en uitleggen
      • overheid mag iets niet zomaar beslissen, ze moet de feiten, belangenafweging en regelgeving waarop het besluit gebaseerd is duidelijk vermelden
    8. Rechtszekerheid
      • overheid moet duidelijk, betrouwbaar en voorspelbaar handelen zodat burgers weten wat hun rechten en plichten zijn
      • overheid moet duidelijk communiceren over regels en besluiten
      • burgers moeten erop kunnen vertrouwen dat wat de overheid zegt of besluit blijft gelden
    9. Zuiverheid van oogmerk
      • de overheid mag haar bevoegdheden alleen gebruiken voor het doel waarvoor die bevoegdheid is gegeven: overheid mag haar macht niet gebruiken voor een ander doel dan waarvoor de wet haar die mag heeft gegeven
    10. Evenwichtigheid
      • overheid moet de verschillende belangen op een eerlijke en redelijke manier tegen elkaar afwegen voordat ze een besluit neemt
      • de overheid mag niet een belang te zwaar laten wegen en een ander belang negeren

      • gaat om het vinden van een goed balans tussen: het algemeen belang en de individuele belangen

    11. Zorgvuldigheid

      overheid moet voorzichtig, zorgvuldig en volledig te werk gaan voordat ze een besluit neemt - ze moet goed nadenken, informatie verzamelen en de belangen van alle betrokkenen afwegen

      formele zorgvuldigheid (in de voorbereiding van een besluit) - gaat over hoe de overheid tot een besluit komt - gaat dus om de procedure en de manier van werken

      materiele zorgvuldigheid (inhoud van het besluit) - gaat over wat de overheid beslist - dus de inhoud en redelijkheid van het besluit zelf

    12. fair play
      • betekent dat de overheid eerlijk, open en onpartijdig moet handelen tegenover burgers
      • burger moet ene eerlijke kans krijgen om zijn of haar standpunt te geven in een procedure