3 Matching Annotations
  1. Last 7 days
    1. Tegen deze achtergrond is de rechtbank van oordeel dat is beoogd met artikel 67, eerste lid, van de Verordening te voorzien in een algemene toegang tot informatie uit de registers van gebruikers van gewasbeschermingsmiddelen voor ten minste de in dit artikel genoemde derde partijen; ook wordt daarmee voorzien in de bevoegdheid van de bevoegde autoriteit om aan een professionele gebruiker te verzoeken om die informatie beschikbaar te stellen indien een verzoek om toegang tot die informatie is gedaan door ten minste een derde partij. Het verhogen van de gezondheid van mens, dier en milieu door middel van onder meer de traceerbaarheid van blootstellingen aan gewasbeschermingsmiddelen te verzekeren en de doeltreffendheid van het toezicht en controle te verbeteren is gebaat bij een toegang tot de informatie in de registers van onder meer professionele gebruikers. Die moet dan meer omvatten dan enkel de gevallen waarin concrete aanleiding bestaat om van overheidswege toezichtbevoegdheden aan te wenden om het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen en mogelijk in dat verband begane overtredingen te onderzoeken. Daarbij is van belang dat uit de Verordening niet expliciet blijkt dat de controlerende functie van de toegang tot de registers is voorbehouden aan controle van overheidswege. Dat artikel 67, eerste lid, van de Verordening is ondergebracht in hoofdstuk VIII met de titel “controles”, betekent daarom dat de bevoegdheid van de bevoegde autoriteit om een verzoek te doen om informatie uit de registers is bedoeld om derde partijen toegang te geven tot informatie in de registers van professionele gebruikers van gewasbeschermingsmiddelen. Derde partijen, zoals omwonenden van percelen waarop gewasbeschermingsmiddelen worden gebruikt, worden met de verstrekking van informatie uit de registers in staat gesteld te controleren in hoeverre gewasbeschermingsmiddelen zijn ingezet in hun fysieke leefomgeving; dit stelt hen in staat tot het maken van gezondheidsoverwegingen.

      Rechtbank wijst af dat derden slechts toegang zouden hebben tot tbv controle door Minister verzamelde info bij de registerhouders. Derden krijgen expliciet toegang, via de bevoegde autoriteit, tot de registers van de gebruiker.

    2. Artikel 67, eerste lid, tweede alinea, van de Verordening voorziet, naar het oordeel van de rechtbank, anders dan de Woo in een grondslag waaraan de minister in zijn hoedanigheid van bevoegde autoriteit de bevoegdheid ontleent om een professionele gebruiker van gewasbeschermingsmiddelen te verzoeken om relevante informatie uit diens register over het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen ter beschikking te stellen indien derde partijen, zoals de drinkwaterindustrie, detailhandelaars of omwonenden een verzoek om toegang tot deze informatie doen aan de minister.

      Het is art 67.1 zelf die de grondslag geeft aan Minister als bevoegde autoriteit om gegevens op te vragen bij de particuliere houder, op verzoek van de genoemde soorten derde partijen. Dat is rechtstreeks v toepassing, want verordening. (Maar wat is dan de relevantie v het noemen van nationale wetgeving)

    3. De rechtbank overweegt dat in artikel 4, vierde lid, van de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden (de Wgb) is bepaald dat de minister van LVN belast is met het verstrekken van informatie als bedoeld in artikel 67, eerste lid, derde tekstblok, van de Verordening. Zij is van oordeel dat hieruit volgt dat de minister is aangewezen als de bevoegde autoriteit die is belast met het nemen van besluiten op verzoeken om toegang tot informatie als bedoeld in artikel 67, eerste lid, van de Verordening. Of andere bestuursorganen, zoals eisers stellen, ook informatie uit de registers dienen te verstrekken doet niet ter zake. Zij hebben hun verzoek nu eenmaal onder meer ingediend bij de minister en ook de besluiten op hun verzoek zijn afkomstig van de minister. Daarmee ligt in deze beroepsprocedure ter beoordeling voor of de minister die belast is met verstrekken van informatie uit de registers van professionele gebruikers van gewasbeschermingsmiddelen op goede gronden tot afwijzing van het verzoek van eisers is gekomen.

      De Minister van LNV is volgens de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden (Wgb) de bevoegde autoriteit (dus niet bijv de provincies die er om vragen bij de Drentse leliekwekers)